Evalueren van wetenschappelijk redeneren binnen psychologieonderwijs (2/3)

Paperpresentatie (30 minuten)616Marleen Evers; KU Leuven

Cube 21do 16:00 - 17:30

Deze studie onderzoekt hoe Vlaamse psychologieleraren (ASO/VWO) wetenschappelijk redeneren evalueren en hoe dit verband houdt met hun epistemologische opvattingen. Twintig leraren formuleerden evaluatiecriteria voor een wetenschappelijk redeneertaak en beoordeelden vervolgens antwoorden van leerlingen aan de hand van toegeleverde evaluatiecriteria. Elk onderdeel werd gevolgd door een semigestructureerd interview. Epistemologische opvattingen werden gemeten met de Epistemic Thinking Assessment (ETA) van Barzilei en Weinstock (2015). Data-analyse omvatte zowel inductieve als deductieve methoden. Resultaten tonen aan dat leraren vooral procescriteria formuleren (met nadruk op begrijpen en toepassen) en in mindere mate epistemic criteria. Leraren benaderen het evalueren van wetenschappelijk redeneren niet zozeer vanuit een wetenschappelijk-epistemologisch perspectief maar eerder als een loutere toepassingstaak. Ze proberen de evaluatie meer controleerbaar te maken door criteria formeel te gaan hanteren, zoals het tellen van het aantal argumenten. Complexere epistemologische opvattingen blijken niet noodzakelijk gunstig te zijn voor het evalueren van wetenschappelijk redeneren. De resultaten van deze studie kunnen professionaliseringsinitiatieven inzake het evalueren van wetenschappelijk redeneren inspireren.

Curriculum
Epistemologische opvattingen, Psychologie onderwijs, Wetenschappelijk redeneren